Elke seconde laadtijd boven 1 seconde kost ongeveer 7% van je conversies. Dat is geen pluginclaim. Dat is Google die het zelf meet, jaar na jaar, in honderden miljoenen sessies. Voor een KMO-site met 100 leads per maand is dat het verschil tussen 100 en 93 leads. Voor 1.000 sessies per dag is het al snel een paar duizend euro per maand. Toch is performance op de meeste KMO-sites het laatste waar aandacht naar gaat. Hieronder leggen we uit waarom dat verandert, wat de drie kerngetallen betekenen en welke vijf ingrepen 80% van het werk doen.

Wat Core Web Vitals zijn, in mensentaal

Core Web Vitals zijn drie meetwaarden waarmee Google beoordeelt hoe een pagina aanvoelt voor een gebruiker. Niet hoe snel hij in theorie laadt, maar hoe vlot je er als bezoeker mee aan de slag kan.

LCP, Largest Contentful Paint. Hoe snel is het grootste blok content (meestal de hero-afbeelding of de hero-tekst) zichtbaar? Doel: onder 2,5 seconden. Boven 4 seconden zit je in de rode zone.

INP, Interaction to Next Paint. Hoe snel reageert de pagina als je ergens op klikt, scrollt of typt? Doel: onder 200 ms. Dit is sinds maart 2024 de opvolger van FID en strenger om te halen. Zware JavaScript-bundles vallen hier door de mand.

CLS, Cumulative Layout Shift. Schuift de pagina nog op terwijl je hem leest? Een knop die naar beneden springt op het moment dat je hem wilt indrukken, scoort hier slecht. Doel: onder 0,1.

Een pagina haalt een groene score als ze in de 75e percentiel onder die drempels valt, dus voor 3 op de 4 bezoekers. Dat detail is belangrijk: één snelle test op je eigen laptop met glasvezel zegt weinig over je trage gebruiker op een ouder Android-toestel op 4G.

Welke score je écht nodig hebt

Voor Google’s ranking-signaal: groen op alle drie de waarden. Geel mag, rood is een rem. Voor je conversie: hoe groener hoe beter, en LCP heeft het grootste effect.

Een eerlijke vuistregel: als je site mobiel onder 3 seconden LCP zit en INP onder 200 ms haalt, ben je beter dan 70% van je concurrenten. Dat is voldoende om geen punten te verliezen en je gebruikers tevreden te houden.

Wat je niet hoeft te halen: 100/100 op Lighthouse. Dat is voor demo-sites. We schreven daar een aparte checklist over.

Vijf quick wins die voor 80% van de KMO-sites werken

Negen op de tien performance-problemen die wij tegenkomen, zitten in dezelfde vijf hoeken. Pak die aan en je site is in een halve dag merkbaar sneller.

1. Afbeeldingen comprimeren en in modern formaat zetten

De grootste boosdoener, zonder discussie. Een ongecomprimeerde hero-afbeelding van 3 MB op je homepage is dé reden dat je LCP boven 5 seconden zit. Vervang JPG en PNG door WebP of AVIF, en zorg dat afbeeldingen niet groter geserveerd worden dan ze getoond worden. Een hero van 1920 px breed mag geen 4000 px-bestand zijn.

Tools: squoosh.app voor handmatig werk, of een plugin/extensie die het bij upload automatisch doet.

2. Fonts goed laden

Google Fonts is mooi, maar standaard laadt het alle gewichten en cursief-varianten. Beperk je tot wat je écht gebruikt (meestal 2 gewichten van 1 of 2 families). Zet font-display: swap zodat tekst niet onzichtbaar blijft tijdens het laden. En overweeg om de font lokaal te hosten. Dat scheelt een DNS-lookup en een TLS-handshake.

3. JavaScript opruimen

Elke script-tag die je niet écht nodig hebt, moet eruit. Oude analytics-trackers, een chat-widget die je vorig jaar testte, vier verschillende cookie-banners die over elkaar laden. Wij komen het wekelijks tegen. Open je browser’s DevTools, ga naar de Network-tab, sorteer op grootte en kijk wat er allemaal binnenkomt.

4. Hosting onder de loep

Hosting voor 3 euro per maand is hosting voor 3 euro per maand. Een goedkope shared host met 200 sites op één machine is een rem op alles wat je hieronder probeert te fixen. Een degelijke managed host kost 20-40 euro per maand en levert TTFB onder 200 ms. Dat is meestal het verschil tussen “snel genoeg” en “ergerlijk traag”.

5. Caching activeren

Browser-caching, server-side caching, eventueel een CDN. Voor een WordPress-site is dat één goede plugin (WP Rocket of een gratis alternatief). Voor een Astro-site is het al ingebouwd. Voor een Drupal-site zit het in de core, maar moet het juist geconfigureerd zijn. Caching is het verschil tussen één bezoek per maand snel en élk bezoek snel.

Hoe je het meet

Drie tools die je nodig hebt, meer niet:

  1. PageSpeed Insights (pagespeed.web.dev). Geeft je lab-score plus real-user-data uit de CrUX-database. Test altijd mobiel én desktop. Mobiel weegt het zwaarst voor Google.
  2. web.dev/measure. Zelfde data, andere presentatie. Handig voor een tweede opinie.
  3. Google Search Console → Core Web Vitals-rapport. Hier zie je hoe je échte gebruikers je site ervaren, opgesplitst per groep URL’s. Dat is goud waard om te zien waar het probleem écht zit.

Test één keer per kwartaal. Niet vaker. Performance-tuning is geen dagelijkse sport, en de scores schommelen genoeg om je gek te maken als je er elke week naar kijkt.

Wanneer “snel genoeg” écht snel genoeg is

Eerlijk verhaal: niet elke site moet onder 1 seconde LCP halen. Voor een lokale dienstverlener met 30 bezoekers per dag is het marginale rendement van milliseconde-werk minimaal. Voor een webshop met 10.000 sessies per maand is élke 100 ms wel geld.

Onze vuistregel: groen op alle drie de Core Web Vitals (75e percentiel) is de finish-lijn. Daarna stop je en investeer je liever in content, conversie of campagnes.

Volgende stap

Geen idee waar je staat? Een gratis Lighthouse-test in Chrome (DevTools → Lighthouse) is een prima vertrekpunt. Loop je tegen rode scores aan en geen idee hoe je ze fixt, dan helpen we daar graag bij. Bekijk onze webontwikkelings-aanpak of stuur ons een bericht.